Polo

Polo is een balsport te paard. Het is de bedoeling dan om een kleine, witgelakte bal met een mallet in het doel van de tegenstander te slaan. het spel wordt gespeeld door vier ruiters per team dat op een speelveld speelt van 200 x 300 meter. De scheidsrechter in het veld zit ook op een paard.

Regels

De ploegen bestaan uit vier ruiters, twee aanvallers, een middenvoor en een verdediger. Een normaal veld is 274 meter bij 183 meter. Het doel waarin gescoord moet worden bestaat uit twee palen die ruim zeven en een halve meter uit elkaar staan. Internationale wedstrijden gaan over acht ‘chukka’, wat speelhelften betekend. Elk speelhelft is ruim zeven en een halve minuut. Soms heb je ook dat er in plaats van acht chukka, vier chukka worden gespeeld. De reden dat er soms vier chukka worden gespeeld is omdat bij iedere speelhelft een ander paard nodig is, ieder paard mag maar één chukka meedoen.

Na ieder doelpunt wissel je van speelhelft. Bij het begin van iedere chukka werpt de scheidsrechter de bal in het midden van het veld. Er zijn twee arbiters en een hoofd arbiter die de controle over de wedstrijd houden. Ook bij de variant van het polo te paard bestaan strafslagen vanaf een merkteken op negen meter voor het doel, vrije slagen, en dergelijke. Om ongelukken te voorkomen als paarden op hoge snelheden over het veld heen sprinten bestaan er voorrangsregels. Je hebt voorrang als je in dezelfde baan van de bal rijdt, ook heb je voorrang als je onder de kleinste hoek van de bal komt aanrijden. Het is overigens verboden om de baan van de bal te doorkruisen.

Paard en uitrusting

PoloGirlsHorsesIedere speler heeft meerdere paarden nodig, tenminste vier paarden heb je nodig. Voor iedere speelhelft heb je dus een ander paard nodig. Sinds 1945 zijn beperkingen qua grootte vervallen. Je hoeft nu niet meer op een pony te rijden. Het paard moet wel een korte pas hebben, beschikken over uitstekende wendbaarheid, voldoende temperament en goed aan het spel gewend zijn. Landen waar goede polopaarden gefokt worden zijn landen als Engeland en Argentinië.

De benen van de paarden worden ingewikkeld met bandages en de staart wordt meestal ingebonden. De reden dat de staart wordt ingebonden, is zodat de polostick niet verstrikt kan raken in de staart van het paard. De ruiter is uitgerust met een polostick van bamboe, ook wel mallet genoemd. Ongeveer twintig centimeter aan het einde van de mallet zit een sigaarvormige dwarshout. De stick die je gebruikt moet met een gestrekte arm de grond aan kunnen raken. De lengte van de mallet is dus niet vast gesteld, de mallet wordt gemaakt aan de hand van de lengte van de ruiter en het paard.

De polobal wordt vervaardigd uit bamboe, maar soms ook uit elzen- of wilgenhout. De bal moet om en nabij de 130 gram wegen. De diameter van de bal moet ook om en nabij de achter en een halve centimeter liggen. De kleding van de ruiter bestaat uit een valhelm, een poloshirt met korte mouwen, een rijbroek, een verlengde rijlaars, kniebescherming en handschoenen zijn ook benodigde attributen. De meeste attributen kan je kopen in een ruitersportshop, maar sommigen moet je ook laten maken bij een winkel die hierin gespecialiseerd is.

Techniek

Polo_playersTeamwork is heel belangrijk voor polo, zonder teamwork kom je nergens. Ook vereist polo behendigheid, snel reactievermogen, moed en uithoudingsvermogen. Het allerbelangrijkste is een goede zithouding die heel ontspannen en buigzaam is in volledige balans. Met de linkerhand houd je de teugel vast, niet stevig maar wel genoeg om jezelf in balans te houden. Het paard wordt bestuurd door gewichtsverplaatsing. Met de rechterhand hanteer je de mallet. Het paard wat bereden wordt moet snel reageren en snel in galop kunnen indien dat noodzakelijk is. Tegenstanders worden afgedekt en ook van de bal gezet. Als men van de bal wordt afgezet, wordt er gezegd: ‘Hij/zij is van de bal af gereden’.

De bal gaat voornamelijk vooruit of achteruit. De bal kan ook opzij worden geslagen maar deze techniek is heel lastig. Het aller moeilijkste is de bal onder de hals van het paard slaan of onder de staart van het paard slaan. Het is wel belangrijk om een goede, gerichte slag te hebben. Je moet een bal precies in de gewenste richting slaan. Ondanks de hoge lichamelijke eisen is het voor het uitoefenen van deze sport geen leeftijdsgrens vast gesteld. De beste prestaties zijn wel in de leeftijdscategorie van tussen de 35e en 45e jaar. Als trainingsmiddel voor slagzekerheid gebruikt men een beweegbaar houten paard, geplaatst tussen vier schuine wanden van jute of van hout, waarvan de bal naar het oefenpaard terug rolt.

Polo in Nederland

De eerste polowedstrijd die gespeeld werd in Nederland, werd gespeeld in Deurne. Sinds 1988 werd er in Lage Vuursche een toernooi georganiseerd. Enige tijd heeft een poloclub bestaan op Balkenschoten in Nijkerk. In 1993 werd de Polo Club Wassenaar opgericht. Deze poloclub heeft ruim dertig leden. ’s Zomers worden er wedstrijden gespeeld in Domburg. Nederland kent ongeveer zeventig polospelers.